Slaapregressie 4 maanden

Ineens wakker na elke slaapcyclus

Sliep je kindje eerst prima en word je nu elk uur geroepen? Rond vier maanden verandert de slaap blijvend. Hier lees je wat er gebeurt en wat je eraan doet.

Wat er rond vier maanden verandert

In de eerste maanden slaapt een baby in twee slaapfases, vaak diep en vrij makkelijk door. Rond vier maanden groeit de slaap naar een volwassener patroon met meerdere fases per cyclus. Aan het einde van elke cyclus wordt je kindje heel even wakker, ook als alles goed gaat.

Dat wakker worden is dus geen stap terug, maar een stap vooruit. Alleen merk jij er wel wat van: waar je kindje eerst gewoon doorsliep, roept hij nu na veertig minuten dutje of na het eerste stuk van de nacht.

De vraag die daaronder ligt is bijna altijd dezelfde: hoe val ik in slaap? Slaapt je kindje in aan de borst, op de arm of met een fles, dan is dat wat hij zoekt zodra hij wakker wordt. Dat is niet verkeerd, het verklaart alleen waarom hij jou telkens nodig heeft.

Waaraan je het herkent

  • Dutjes die na dertig of veertig minuten stoppen.
  • Vaker wakker in de nacht, soms om het uur.
  • Inslapen duurt langer of lukt alleen nog met jouw hulp.
  • Vroeg wakker in de ochtend en dan niet meer terug in slaap.
  • Overdag hangerig, want de slaap wordt korter en losser.

Waar je vandaag mee begint

  1. Kijk naar de wakkertijden. Rond vier maanden kan een kindje ongeveer anderhalf tot twee uur wakker zijn tussen de slaapmomenten. Blijft hij langer op, dan raakt hij oververmoeid en gaat inslapen juist moeilijker. Deze tijden zijn richtlijnen, want wakkertijden zijn nooit exact.
  2. Maak de routine voorspelbaar. Dezelfde korte volgorde voor elk slaapmoment geeft je kindje houvast. Niet lang, wel elke keer hetzelfde.
  3. Bouw je hulp rustig af. Begin met zo weinig mogelijk interventie, bijvoorbeeld aan de rand van het bedje zonder je kindje eruit te halen. Werkt dat niet, dan mag je zeker contact maken. Merk je dat je kindje gaat overstrekken of je wegduwt, dan raakt hij overprikkeld en werkt het averechts. Neem dan even wat meer afstand om hem rust te gunnen.
  4. Houd het een paar dagen vol. Nieuwe gewoontes hebben tijd nodig. Wisselen van aanpak maakt het voor je kindje juist onduidelijk.

Veelgestelde vragen

Hoe lang duurt de slaapregressie van 4 maanden?

De onrust duurt bij de meeste kinderen twee tot zes weken. De verandering in de slaap zelf is blijvend, dus het gaat er vooral om dat je kindje leert om zelf weer verder te slapen na een lichte slaapfase.

Kan ik hier iets aan doen of moet ik het uitzitten?

Je kunt er zeker iets aan doen. Een ritme dat past bij de wakkertijden van deze leeftijd, een rustige en voorspelbare routine en stap voor stap wat minder hulp bij het inslapen maken vaak binnen een paar dagen al verschil.

Vanaf welke leeftijd kan ik een slaapplan aanvragen?

Vanaf vier maanden tot vier jaar krijg je een persoonlijk slaapplan, opgesteld op basis van de intake die je invult.

Hoe een persoonlijk slaapplan helpt

Algemene tips brengen je een eind, maar elk kindje is anders. In de intake vraag ik naar het dagritme, de dutjes, het inslapen, de nachten, de voeding en het karakter van je kindje. Daaruit komt een plan met een concreet ritme, een methode die bij jullie past en stappen per slaapmoment.

Daarna vul je elke ochtend het slaaplogboek in en krijg je persoonlijke feedback op hoe het echt liep. Zo schuift het plan mee in plaats van dat je vastzit aan een schema dat niet werkt.

De dienst is uitdrukkelijk geen medische zorg en geen medisch, psychologisch, pedagogisch of diƫtistisch behandeladvies. De adviezen vervangen nooit het oordeel van een arts, consultatiebureau, kinderarts of andere behandelaar. Bij twijfel over de gezondheid, groei of veiligheid van je kind raadpleeg je altijd eerst een arts.